Deze website van Kenniscentrum Noodverlichting gebruikt cookies die ons in staat stellen informatie te verzamelen over het gebruik van onze site en diensten en om deze te verbeteren. Door het plaatsen van cookies van derde partijen kunnen wij onze marketing op jou persoonlijke voorkeuren afstemmen. Door verder gebruik van deze website ga je hiermee akkoord.

Uw browser ondersteunt geen cookies. U kunt deze inschakelen via de instellingen.
Home Nieuws Licht gaat in rook op

Licht gaat in rook op

11 augustus 2015

Noodverlichting is ontworpen om bij spanningsuitval een gebouw veilig te kunnen verlaten. Ondanks dat er vele calamiteiten zijn te bedenken waarvoor een gebouw ontruimd zou moet worden, spreekt brand het meest tot de verbeelding. Er zijn dan ook verschillende wetenschappelijke onderzoeken gedaan naar de zichtbaarheid van vluchtwegaanduiding in rook. Aan de hand van dit artikel leggen wij uit wat rook is, hoe rook licht beïnvloedt en wat dit betekent voor de noodverlichting.

De zichtbaarheid van vluchtwegaanduiding in of door rook is afhankelijk van drie factoren:

  • De eigenschappen van rook
  • De waarnemer van rook
  • Het waar te nemen object

De eigenschappen van rook
Rook bestaat uit een grote concentratie deeltjes die in de lucht zweven. Deze deeltjes komen voort uit de verbranding van diverse materialen zoals een stoel of vloerbedekking. Het type materiaal en het type verbranding (afhankelijk van onder andere de temperatuur en de hoeveelheid zuurstof), bepalen de eigenschappen van rook.

Invloed op licht
Deze deeltjes in rook zorgen voor de verstrooiing en/of absorptie van licht. Doordat de deeltjes van verschillende materialen kunnen zijn, zijn de eigenschappen van rook elke keer anders. Witte rook reflecteert bijvoorbeeld veel meer licht dan zwarte rook. Dit betekent automatisch dat licht ook minder makkelijk door witte rook dringt.

Rook laat dus de lichtsterkte afnemen. Zodoende zou je kunnen zeggen dat licht in rook op gaat. Hoe meer licht er aanwezig is, hoe meer er van dat licht overblijft. Een aanduidingsarmatuur met een hoge helderheid (cd/m2) zal daarom over een grotere afstand in rook meer zichtbaar zijn dan een armatuur met een lage helderheid. Daarnaast zal licht met een kleine golflengte (bijvoorbeeld blauw licht) meer verstrooid raken door de kleine deeltjes dan bijvoorbeeld rood licht.

Dichtheid van rook
De dichtheid van rook bepaalt de zichtafstand. De zichtafstand bij matige rook is voor lichtgevende voorwerpen minder dan 12 meter. Bij niet lichtgevende (extern aangelichte) voorwerpen is dit 5 meter. De zichtafstand bij dikke rook is minder dan 0,5 meter voor extern aangelichte voorwerpen. Dit betekent dat je dus nog net je uitgestrekte hand kan zien.

De dichtheid van rook zal niet in de gehele ruimte gelijk zijn. Hoe rook zich verdeelt wordt weer bepaald door de verschillende factoren zoals het type materiaal en het type verbranding. In het algemeen kan dus niet aangenomen worden dat rook gelaagd is of stijgt.

De waarnemer van rook
Natuurlijk zijn de mensen, of nog specifieker gezegd, de ogen, de waarnemers van rook. Het oog is het gevoeligste voor groen/geel licht, zoals je ziet op de afbeelding. Ogen die gewend zijn aan licht (scotopisch zicht) zijn gevoeliger voor blauw/groen licht. Groen is dus een goed waarneembare en opvallende kleur.   Bron: https://commons.wikimedia.org/wiki/File:V-lambda-phot-scot.svg

Fysiologische en psychische invloeden
Sommige rook kan irriterend zijn voor de ogen. Maar rook kan ook een verstikkende werking of zelf een verlammende werking hebben op de ogen waardoor stress toeneemt. Onder stress wordt anders en minder waargenomen. Met name bij dikke rook zullen fysiologische invloeden zoals tranende ogen en adembeperkingen en psychische invloeden zoals stress en desoriëntatie een grote rol hebben op het al dan niet veilig kunnen ontruimen van een gebouw.

Waarnemend vermogen
Onze hersenen nemen het beste aanduidingen met een egale uitlichting waar. Ook een hoge helderheid en een hoog contrast met de omgeving worden beter waargenomen. Daarnaast verhoogt flitsen de attentiewaarde.

Het waar te nemen object
De eigenschappen van het waar te nemen object, in dit geval de aanduidingsarmatuur, bepalen hoe het object wordt waargenomen. Het licht uit een fluorescentielamp (TL-armatuur) zal anders beïnvloed worden door rook dan licht van een led-armatuur. Het lichtspectrum van led-lichtbronnen bevat relatief meer blauw en groen licht dan andere lichtbronnen, zoals op de afbeelding te zien is, en is daarom beter geschikt. 

Bron: http://spie.org/Images/Graphics/Newsroom/Imported-2013/005070/005070_10_fig1.jpg

Zichtbaarheid van noodverlichting in rook
De dichtheid van rook, de waarneming en het waar te nemen object zijn allemaal van waarde bij de zichtbaarheid van noodverlichting in rook. In de afgelopen jaren zijn er dan ook diverse ideeën geopperd om noodverlichting in rook te optimaliseren:

  • Een rood pictogram of een rode pijl
    Rood licht gaat iets beter door rook dan groen licht, maar het oog neemt rood licht minder goed op. Uiteindelijk zie je rood licht dus slechter dan groen licht. Daarnaast wordt rood niet met veiligheid geassocieerd.
  • Aanduidingsarmaturen lager ophangen
    Als rook altijd opstijgt en gelaagd is, zou dit de zichtbaarheid in situaties met rook vergroten. Maar dit is niet het geval. Het Bouwbesluit gaat daarnaast uit van rookvrije vluchtroutes. Bij rookvrije omgevingen is het beter aanduidingsarmaturen hoog op te hangen, zodat er geen personen of andere voorwerpen het zicht belemmeren.
  • Verlichtingsarmaturen lager ophangen
    Deze mogelijkheid zou het contrast tussen aanduidingsarmaturen en haar omgeving vergroten. Er is echter een grotere kans dat personen of andere voorwerpen de verspreiding van het licht belemmeren.
  • Noodverlichtingsstrip (zoals in vliegtuigen)
    Deze strip kan tevens voorzien zijn van looplicht, welke de looprichting aangeeft. De afstand tussen de te ontruimen personen en de armatuur is relatief klein waardoor de lichtstrip zelfs in zeer dichte rook nog goed waargenomen kan worden. De vraag is alleen of dat in deze dikke rook de fysiologische en psychische invloeden een effectieve ontruiming nog mogelijk maken.

Afsluitend is dus een relatief hoge helderheid (cd/m2), een egale uitlichting van de armatuur, een hoog lichtcontrast met de omgeving, het flitsen van de armatuur en de goed waarneembare kleur groen van belang voor een beter zicht van de noodverlichting in rook.

Terug naar overzicht
Deel dit artikel: