Deze website van Kenniscentrum Noodverlichting gebruikt cookies die ons in staat stellen informatie te verzamelen over het gebruik van onze site en diensten en om deze te verbeteren. Door het plaatsen van cookies van derde partijen kunnen wij onze marketing op jou persoonlijke voorkeuren afstemmen. Door verder gebruik van deze website ga je hiermee akkoord.

Functioneel
Analytisch
Marketing
Meer informatie
Uw browser ondersteunt geen cookies. U kunt deze inschakelen via de instellingen.
Home Nieuws Noodverlichting: 3 praktische tips om gemakkelijker te projecteren

Noodverlichting: 3 praktische tips om gemakkelijker te projecteren

11 december 2017

Het projecteren van noodverlichting is geen rechttoe rechtaan klusje. Zelfs in relatief kleine en eenvoudige gebouwen kom je als projecteringsdeskundige vaak voor de nodige vraagstukken en lastige keuzes te staan.
Met de volgende drie tips maken we het projecteren wat overzichtelijker en eenvoudiger.

1.    Bepaal niet zelf de vluchtroutes
De architect heeft al nagedacht over de ontruiming van het gebouw en gebruikt daarvoor het Bouwbesluit als uitgangspunt. Als er al ontruimingsplattegronden zijn, gebruik die dan voor het projecteren van de noodverlichting. Zijn die er niet, vraag dan de opdrachtgever, bij voorkeur het hoofd van de BHV-organisatie, hoe ontruimingen plaats zullen vinden. Pas als er geen ontruimingsplattegronden aanwezig zijn en contact hierover met de opdrachtgever onmogelijk blijkt te zijn, zou je zelf de vluchtroutes kunnen bepalen. Deze routes bepaal je dan op basis van je eigen inzicht en ervaring. Maak wél altijd een voorbehoud in de aanbieding naar de klant toe. Als blijkt dat het niet aansluit bij hetgeen wat de architect of de opdrachtgever voor ogen hadden, dan wordt jij niet verantwoordelijk gehouden.

2.    Kies een handige volgorde

a.    Het is aan te raden om te beginnen met de ‘punten van aandacht’ uit de NEN-EN 1838. Dit is de meest praktische richtlijn die we kennen en daarmee een goed vertrekpunt. Deze norm geeft aan op welke punten noodverlichting dient te hangen. Denk hierbij aan trappen, richtingsveranderingen, kruisingen van wegen, brandblusmiddelen en de buitenkant van de nooduitgang. Zie hiervoor ook de prestatie-eisenkaart. Overigens wordt er in deze norm niets vermeld over de plaats van vluchtrouteaanduiding.

b.    De volgende stap is het toepassen van de eisen zoals geformuleerd in het Bouwbesluit. Ook deze staan overzichtelijk bij elkaar op de prestatie-eisenkaart. Hierin staat in welke ruimtes noodverlichting en vluchtrouteaanduiding voorzien moet worden. Als de punten van de NEN-EN 1838 al zijn ingevuld, gaat het nu vooral om de ruimtes voor méér dan 50 (vluchtrouteaanduiding) of 75 (noodverlichting) personen en ruimtes onder het  meetniveau.  

c.    Als laatste stap pakken we het Arbobesluit erbij. Nu is het zaak dat je weet of er zogenaamde risicovolle werkplekken zijn. De preventiemedewerker van de opdrachtgever kan hier het beste uitspraak over doen. Mogelijk zijn er ook nog andere risico’s die extra aandacht en mogelijk ook extra noodverlichting vragen. Dit kun je onmogelijk van een tekening aflezen, dus dat vergt overleg. Controleer als laatste nog een keer of in alle vluchtroutes de aanduiding overal goed zichtbaar is en de gebruikers van het gebouw op een duidelijke manier naar de dichtstbijzijnde nooduitgang worden geleid. Plaats waar nodig extra pictogramarmaturen. Vaak is dat op plekken waar vanuit de NEN-EN 1838 al vluchtrouteverlichting is voorzien (denk aan richtingsveranderingen, splitsingen en kruisingen van wegen). In dat geval ligt de keuze voor armaturen met een combinatie van aanduiding en verlichting voor de hand.

3.    Maak optimaal gebruik van beschikbare lichttechniek
Door het gebruik van leds in combinatie met specifieke lenzen ontstaat er steeds meer keuze in lichtpatronen van noodverlichtingsarmaturen. Als je slim gebruik maakt van deze ontwikkelingen, kun je een optimaal lichtpatroon realiseren en vaak ook de nodige armaturen besparen. Belangrijk hierbij is dat je het juiste lichtpatroon kiest bij de ruimte die je wilt voorzien van noodverlichting. De afstandstabellen van de fabrikant vormen een prima uitgangspunt. Nóg beter is het maken van een lichtontwerp in 3D, bijvoorbeeld in DIALUX. Dan zie je goed welk effect een bepaald lichtpatroon in een ruimte heeft. Van belang zijn vooral:

a.    De vorm van de ruimte: Voor gangen gebruik je uiteraard een langwerpig lichtpatroon. Dat geldt ook voor de meeste rechthoekige ruimtes. Afhankelijk van de afmetingen kan het zijn dat een rond lichtpatroon voordeliger uitpakt. 

b.    De hoogte van het plafond: Fabrikanten willen bij een rond lichtpatroon een zo groot mogelijke cirkel creëren. Er zijn ook armaturen met een langwerpig lichtpatroon met zeer grote tussenafstanden. Het nadeel hiervan is dat de ophanghoogte beperkt is. Moet de vluchtrouteverlichting hoger dan pak ‘m beet 3,5 meter gemonteerd worden, kijk dan goed welke lenzen de beste resultaten geven op die hoogte. 

c.    De plaats van blusmiddelen en EHBO-posten: Hiervoor zijn speciale spotlenzen ontwikkeld die bedoel zijn voor het direct met 5 Lux aanlichten van bijvoorbeeld brandblussers. Ze tellen wel mee in de uitlichting van de vluchtroute, maar zijn doorgaans niet geschikt voor het optimaliseren van een projectie. Is snelheid geboden en optimalisatie minder belangrijk, dan kun je doorgaans met een cirkelvormig lichtpatroon uit de voeten. Dan heb je meestal wel wat meer armaturen nodig, maar kun je wel met één type werken.

Tot zover de tips. Natuurlijk komt er bij projecteren nog veel meer kijken dan wat hierboven beschreven is. Projecteren van noodverlichting blijft een vak apart waarbij de nodige ruimte is voor de interpretatie van de regelgeving. Maar wat je ook doet, zorg voor een goede onderbouwing. Daarmee onderstreep je jouw expertise naar de klant toe. Volg gerust eens een training bij ons om je hierin meer te bekwamen.

Heb je vragen over dit artikel of wil je met ons in contact komen om je aan te melden voor zo'n training? Vul dan hieronder het contactformulier in en wij nemen direct contact met je op.

Terug naar overzicht
Deel dit artikel:

Contactformulier

Wil je meer informatie of heb je een vraag? Onze helpdesk is elke werkdag bereikbaar van 08:00 tot 17:00 uur via (0800) 326 67 82 of vul onderstaand contactformulier in.