Deze website van Kenniscentrum Noodverlichting gebruikt cookies die ons in staat stellen informatie te verzamelen over het gebruik van onze site en diensten en om deze te verbeteren. Door het plaatsen van cookies van derde partijen kunnen wij onze marketing op jou persoonlijke voorkeuren afstemmen.

Uw browser ondersteunt geen cookies. U kunt deze inschakelen via de instellingen.
Home Nieuws Waar eindigt de vluchtroute?

Waar eindigt de vluchtroute?

8 oktober 2019

Vaak wordt gedacht dat de vluchtroute bij de buitendeur eindigt omdat men daar veilig denk te zijn. Dit is echter niet altijd het geval. Zonder verlichting komen mensen vanuit het licht in een donkere omgeving, waar diverse obstakels alsnog een gevaar kunnen vormen. Daarom vragen wij: waar eindigt de vluchtroute? 

Wat staat er in de wet?

De wetgever eist in het Bouwbesluit, in aansturingsartikel 2.101, dat er in elk gebouw een vluchtroute aanwezig is waarlangs een veilige plaats kan worden bereikt. Ook het Arbobesluit stelt dat de vluchtwegen en nooduitgangen die bij het uitvallen van de stroom slecht zichtbaar zijn, voorzien moeten zijn van adequate noodverlichting.

Het Bouwbesluit gaat er daarnaast vanuit dat het aansluitende terrein van waar de openbare weg kan worden bereikt, een veilige plaats is. Vaak zien we dat de vluchtroutes in het gebouw tot aan de nooddeur keurig verlicht zijn, maar wordt de vluchtroute buiten vanaf de nooddeur tot aan de veilige plaats vergeten. Terwijl dit vanuit het Bouwbesluit en de Arbowet verplicht is.

Veiligheid door goede doorstroming

Noodverlichting aan de buitenzijde van een pand is onmisbaar om mensen in noodsituaties veilig uit een gebouw te leiden. Wanneer het onverlicht is en de straatverlichting is uitgevallen, ontstaat er een groot struikel- en valgevaar. Denk hierbij aan bijvoorbeeld plantenbakken, asbakken, fietsenrekken, laadplatforms of trappen.

Daarnaast stappen mensen, zeker in deze tijd van het jaar, letterlijk in een 'zwart gat' tijdens de avonduren en zal er op zijn minst een aarzeling zijn om naar buiten te gaan als het hier niet verlicht is. Mensen moeten vanaf de nooduitgang naar een veilige plek worden geleid. 

Praktische realisatie

De norm die praktische handvatten geeft aan het Bouwbesluit, en ook aan de term 'adequate noodverlichting' uit de Arbowet is de NEN-EN 1838. Hierin staat vermeld dat er "nabij iedere uitgang en buiten het gebouw tot een een veilige plaats" noodverlichting moet zijn. Door ook verlichting aan de buitenzijde te plaatsen, zijn trappen, stoepjes en alle andere obstakels die zich buiten bevinden ook verlicht. Een veilige gedachte!

Uiteraard moet de toegepaste noodverlichting dan wel geschikt zijn voor buitengebruik. Zo moet er rekening gehouden worden met het temperatuurbereik van de accu en de waterdichtheid van de armatuur. Er zijn noodverlichtingsarmaturen die ook schakelbaar zijn en/of voorzien van een schemerschakelaar zodat ze bovendien zorgen voor de sociale veiligheid.

Nooddeur vrijhouden

Wist u dat het ook wettelijk verplicht is nooddeuren aan de buitenzijde te voorzien van het opschrift «nooddeur vrijlaten» of «nooduitgang»? Dit staat vermeld in Artikel 6.25 "Deuren en vluchtroutes" in het Bouwbesluit. Zo is het voor iedereen onmiddelijk duidelijk dat deze uitgang gebruikt moet kunnen worden tijdens een calamiteit, dat deze uitgang vrij gehouden moet worden en het dus niet de bedoeling is hier bijvoorbeeld fietsen te plaatsen. 

Dus waar eindigt de vluchtroute? Op een veilige plaats buiten het gebouw!

Terug naar overzicht
Deel dit artikel: